Het scheldwoord ‘Mug’ werd in de vijftiende eeuw al schertsend gebruikt in de Rederijkerskamers van Amsterdam, Leiden en Delft voor dé Haarlemmer. Waarschijnlijk doelde men op de kleinzieligheid of kleingeestigheid van de gemiddelde Haarlemmer. De gegoede burgerij en brutale elite van Haarlem hebben de bijnaam nooit gesnapt.

Altijd in de schaduw en alleen

“Een mug haalt overal zijn bloed vandaan, maar het insect weet instinctief wanneer hij moet toeslaan. Zeer zorgvuldig spaart hij zijn krachten en opereert het liefst in de schaduw en alleen”, aldus de Rederijkers in Leiden en Amsterdam. Ze zinspeelden op het idee van uitgekookte slimheid, gulzigheid en het leven op kosten van een ander. Zij zijn de eersten die de vrekkigheid van de Haarlemmer aan de kaak stellen.

Allesbehalve solidair

Haarlemmers zagen zichzelf graag als muggen omdat zij de reus van het Spaanse leger wilden verslaan. Ze blijven irriteren en steken uitdelen. De Spanjaarden op hun beurt erkenden de spaarzame krachten van de Haarlemmer als mug. In hun ogen waren Haarlemmers nietig, stiekem en prevaleerden zij het eigenbelang ver boven het groepsbelang. Een mug is allesbehalve een solidair beestje. Het past ook in het kader van de Haarlemmer die pas in actie komt als er persoonlijk gewin in het spel komt. Zo werd Kenau Simonsdochter Hasselaer door de Spanjaarden gezien als een rijkeluisdochter die enkel voor eigen status vocht en totaal geen acht sloeg op stadsbelangen of mede-Haarlemmers.

Armlastig

Haarlem is altijd een armlastige migrantenstad geweest. Haarlem kende textielnijverheid, scheepsbouw en veel bierbrouwerijen. De welvaart werd nadelig beïnvloed door de Kabeljauwse Twisten, de Opstand van het Kaas- en Broodvolk en de Tachtigjarige Oorlog. Honger en de pest maakten het genereuze gemoed van de Haarlemmer er in de eerstvolgende decennia niet beter op. Het zijn uiteindelijk de Vlaamse en Franse immigranten die met linnennijverheid de stad economisch er bovenop hielpen.

d’Eenvoudige Mensch

Door de jaren heen kennen we de insteek van kunstenaar Coornhert die in zijn visuele zinnespelen de Haarlemmer vooral trachtte neer te zetten als d’Eenvoudige Mensch, een protagonist in spelen van deugd en ondeugd. Ook kunstenaar Maarten van Heemskerck schilderde en tekende het liefst simpele zielen die, ontdaan van alle rijkdom en overvloed, zich een geduldig en lijdzaam leven waanden. Veel Haarlemmers identificeerden zich met deze personages. Ze vergaten echter dat hebberigheid en gierigheid totaal niet tot de deugden behoorden waartoe Coornhert en Van Heemskerk aanspoorden.

Interesse voor geld

Opvallend is het grote aantal spelen in Haarlemse rederijkerskringen waarin de besteding van geld en egoïstische handelspraktijken aan de orde worden gesteld. Heijnszoon Adriaensz, in dezelfde periode als Louis Jansz factor van Trou Moet Blijcken, behandelt het onderwerp in zijn spel ‘Vanden Neering’. Het is een soort belegeringsspel waarin het personage Neering, enigszins vergelijkbaar met het personage Cooren in het gelijknamige spel van Jansz, door Eijgen Baet, Loghen, Bedrogh en Cracht, de personificatie van ondeugdelijk handelen in economics, wordt opgesloten in een kasteel. Eerder al, in 1560, hadden de rederijkers van Lieft Boven Al het spel ‘Deerste vader en deerste moeder’ opgevoerd, waarin een edelman, knecht, koopman, burger en boer met het personage Simpel Nootdruft spreken over hun besteding van geld en bezit.

Spel van gunningen

Haarlem kende binnen en buiten de stad veel charitatieve armenzorg, hofjes voor weduwen en wezen en benefietwedstrijden. Juist de Haarlemmer kon met eigen ogen aanschouwen hoe armen van de ondergang werden gered in een politiek vermakelijk steekspel van gunningen en de mantel der liefde. Het wekte wrevel in een stad waar iedereen met honger, de pest en allesverwoestende branden te maken had. Zoals eerder gezegd; de brutalen hebben de halve wereld. De elite verrichtte toch zo’n goed werk, hoe kon zij dan tot de Haarlemse muggen behoren?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here