Wie een eerlijk beeld van Haarlem wil, loopt een rondje door het Rozenprieel. Een stil volksbuurtje naast het centrum dat ik vorige maand heb verlaten als bewoner na zes jaar. Trouwe lezers verwachten van mij een “Klagen met Krouwels”. Vandaag is dat een ode van Joris. Een ode aan mijn buurtje: De Roos.

Want, wie een eerlijk beeld van Haarlem wil, loopt een rondje door het Rozenprieel.

Huizen die al meerdere decennia door dezelfde gordijnen worden beschemerd wisselen af met  pandjes van huisjesmelkers waar jonge Haarlemmers hoofdprijzen voor betalen. Funderingsproblemen tekenen de buurt. Sommige straten staan compleet in de steigers. Bij andere is het wachten tot de laatste bejaarde het loodje legt – en het kabinet de stikstofproblemen heeft bedwongen – voor de herstelwerkzaamheden beginnen. 

Wie een eerlijk beeld van Haarlem wil, loopt een rondje door het Rozenprieel.

Bij de Vomar in de Bakkerstraat groet elke werknemer de winkelende klanten, zonder te weten waar zij precies wonen. Ik luister aandachtig naar de roddels van de vakkenvullers. Een paar caissières overwegen hardop een functie bij New York Pizza,precies om de hoek. De grote, brede kale, oervriendelijke manager Martijn bedient met een onvermoeibare glimlach die ik enkel uit de horeca ken. 

Wie een eerlijk beeld van Haarlem wil, loopt een rondje door het Rozenprieel. 

Bij kinderdagverblijf het Vosje leveren Haarlemse tweeverdieners hun kinderen in. Het aantal bakfietsen is tussen 8:00 uur en 8:15 uur bijna verzestienvoudigd. Gezinsauto’s blokkeren de Linschotenstraat met oranje knipperlicht. Parkeerplekken en fietsenrekken staan steevast vol door de grote hoeveelheid opgesplitste pandjes. Echte Rozenprieëlers wonen op een rood, zwart, A,B, C of D -adres.

Wie een eerlijk beeld van Haarlem wil, loopt een rondje door het Rozenprieel. 

Rijkelui uit Haarlem-Zuid komt hier niet. Alhoewel hun pubers regelmatig rondjes fietsen om het oude Koningstein-gebouw om hun XTC-pillen op te pikken. Het vervallen pand wordt nu gesloopt om er leefbare woningen van te maken. Het parkeerterrein maakt plaats voor een heel klein beetje groen.

Wie een eerlijk beeld van Haarlem wil, loopt een rondje door het Rozenprieel.

Op mijn laatste ochtend in De Roos word ik gewekt door bouwvakkers. Ze bouwen letterlijk huizen tegen het balkon van mijn studiootje aan. Ik ben moe en knorrig, maar ik geef ze koffie. “Mag ik even komen kijken?” vraag ik. Op mijn laatste dag loop een rondje op het dak van wat ooit mijn buren zouden worden.

Ik ga mijn buurtje missen. Op één dag kom ik hier weer wonen. Als de fundering weer staat als een huis. Zou het eerlijke beeld van Haarlem, dan weer te vinden zijn, in de Roos? Ik hoop van wel.

Meer Joris? Lees hier zijn vorige column over de Haarlemse woningmarkt.

1 COMMENT

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here