Officieel heet de Koorschool je dan ook digitaal welkom bij de Koorschool en de koren van het Muziekinstituut van de kathedrale basiliek St. Bavo aan de Leidsevaart. Nog wel. Want, net als iedereen heeft de Koorschool door corona een lastige tijd achter de rug. En, op het moment dat ik producent Ivo Cottaar – die al twee jaar bezig is met een documentaire over de Koorschool – bel om een afspraak te maken, dreigt serieus een keiharde lockdown nog meer roet in het eten te gooien. Het Kerstconcert van het Kathedrale Koor was al lang en breed uitverkocht, maar gaat niet door! Wat nog enigszins de apotheose van het 70-jarig bestaan van de Koorschool had moeten worden, mag van het Rijk slechts zonder publiek als docufilm en Radio 4-opname doorgaan.

Bezuinigingsslag nog voor de pandemie

Ooit had Nederland een staatssecretaris van cultuur. Die man was een VVD’er en heette Halbe Zijlstra. Later zou hij als fantast weggezet en afgevoerd worden omdat hij beweerde dat hij ooit in de datsja van Poetin zou zijn geweest. Da’s best zielig. Maar nog erger was zijn keiharde bezuinigingsslag op de cultuursector in amper twee jaar van 2010 tot november 2012. Zijlstra kondigde in 2011 een bezuinigingspakket aan van 200 miljoen euro. “De cultuursector moet zichzelf leren bedruipen”, zo vond hij.

Tien jaar later blijken die bezuinigingen een verwoestend effect te hebben gehad op met name muziekscholen. Waren er in 2007 nog 108 vrijgevestigde muziekscholen, nu zijn dat er nog maar twaalf. In sommige gemeentes zijn de muziekscholen opgegaan in de zogenoemde centra voor de kunsten. Daarvan zijn er in Nederland nog maar 98.

Wie niet in aanraking komt met muziek, voelt niets

Bij het conservatorium in Maastricht leidt het ertoe dat er een stuk minder aanwas van Nederlandse studenten is. In 2007 was dat nog 33%. Nu nog maar 11%. Is dat erg? Wat is erg als jezelf a-muzikaal bent en liever met kekke schoenen een dvd’tje opzet en live-muziek nooit echt je hart geraakt heeft? Als minder Nederlanders instrumenten gaan spelen, dan verdwijnt er langzaam aan het een en ander in onze cultuur. Dan is er geen zicht meer op jonge talentjes met een natuurlijke aanleg voor harmonie, voor een absoluut gehoor en voor loepzuivere samenzang uit alle rangen en standen in onze maatschappij die met hun nieuwsgierigheid over muziek en instrumenten nergens meer terecht kunnen. Kortom, met het opheffen van alle muziekscholen doe je jezelf als bevolking tekort.

Het wereldwijd bekende unieke karakter van onze Koorschool

Met de Koorschool heeft het Muziekinstituut een goed-presterende basisschool waar leerlingen instromen vanaf groep 5. Van de 1000 uur lestijd wordt 200 uur aan muziek besteed. Met specifieke zang- en muzieklessen zoals repertoirestudie, stemvorming en muziektheorie (solfège) ontwikkelen zij zich tot geschoolde koorzangers. Door de koorzang komen ze in aanraking met oude en nieuwe muziek en met de kunst en cultuur binnen en buiten de christelijke traditie. De afwisseling van muziek en gewone schoolvakken bevordert het plezier en de motivatie van de leerlingen. Zij worden opgenomen in een muzikale traditie met een culturele vorming die waardevol is voor het verdere leven. 
In 1946 zette kapelaan Dr. Kat de eerste stap met de oprichting van de “Stichting Muziekinstituut van de Kathedraal St. Bavo” te Haarlem. In 1951 werd het ideaal van Dr. Kat verwezenlijkt: een eigen basisschool aan het Wilhelminapark voor de koorjongens van de kathedraal met naast het reguliere onderwijs dagelijks muziekonderwijs in stemvorming, muziektheorie en repertoirestudie. In 1973 zijn de Koorschool en het Muziekinstituut verhuisd naar de Westergracht, waar een voormalig nonnenklooster ingrijpend werd verbouwd. Vanaf 1992 werden ook meisjes aangenomen op de Koorschool en kreeg de school een status aparte van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen in de wet op het Primair Onderwijs. De Koorschool beschikt alleen over de groepen 5 t/m 8. De groepen 1 t/m 4 ontbreken. Dat betekent dat alle kinderen eerst een andere basisschool bezocht hebben, voor zij naar de Koorschool komen. Ook de landelijke regeling voor schoolgrootte geldt niet voor de Koorschool.

Constance Huveneers, foto: Rob Ouwerkerk

Sterke verbondenheid op een financieel-gezonde basisschool

Constance Huveneers is adjunct-directeur van de Koorschool en natuurlijk is zij aanwezig bij de opvoering van het kathedrale koor in de Haarlemse basiliek. “We gaan ons 70-jarig bestaan echt nog wel vieren als dat kan. Sowieso vind ik dat je het unieke karakter en de verbondenheid van de Koorschool altijd moet vieren en koesteren, zelfs in een niet-jubileumjaar. Plannen genoeg daarvoor! We hebben als basisschool door corona wel wat tegenslag gehad maar hebben geen onderwijsachterstanden opgelopen. Qua muziekonderwijs hebben de kinderen wel een hoop gemist. Er is hen een alternatief programma geboden, maar ja, dat is niet hetzelfde als met elkaar op een podium staan en elke dag repeteren in de school. Zo’n dag als vandaag met optredens in het Amsterdamse Concertgebouw en thuis in de basiliek vergt veel van de kinderen, maar zorgt ook voor een héleboel plezier én een heerlijke oliebol als afsluiter! Ze hebben keihard gewerkt en gerepeteerd om de ‘grande finale’ mogelijk te maken als passende afsluiting van dit jaar. 

Onze koren zijn niet officieel-professioneel, iedereen is amateur op een heel hoog professioneel niveau. En ja, er lopen heel wat echte supertalentjes op de Koorschool rond. 

In tegenstelling van wat veel ouders denken is de Koorschool geen particuliere eliteschool. We zijn een reguliere basisschool gefinancierd door het Rijk waarbij 20% van het totale onderwijscurriculum aan muziekonderwijs op hoog niveau wordt besteed. Om dit alles mogelijk te maken vragen we wel een hogere ouderbijdrage, maar dat is echt om de muziekdocenten, tournees en optredens te kunnen financieren. 

Al onze kinderen worden getraind op een goed gehoor en qua stemleer weten ze al in een vroeg stadium hoe samenzang en harmonie werken. Daarmee krijgen de kinderen heel wat bagage mee voor de rest van hun leven. En vaak staat dat ook wel aan de wieg van een mooie muzikale carrière, maar niet per se het conservatorium. Veel jongeren blijven dan ook nog op latere leeftijd verbonden aan ons Kathedrale koor. Ze blijven in het algemeen heel lang bij ons, omdat het koor een heel sterk verenigingsniveau heeft. De groepsband was, is en blijft heel hecht juist omdat je door de jaren heen zoveel meemaakt met elkaar. Het familiegevoel dat ontstaat op de Koorschool is heel bijzonder en uniek. Samen zingen zorgt voor een levenslange verbondenheid. Het is jammer dat de Koorschool geen algehele bekendheid geniet. Ouders niet altijd van ons bestaan af en zeggen dan: “Als we het eerder hadden geweten, hadden we alle kinderen naar de Koorschool gestuurd.” Ze hadden maar wat graag ook hun oudere broers en zussen de waardevolle muziekopleiding van onze school gegund. Waar we dan ook heel trots op zijn is de goede beoordeling op ons pedagogische klimaat van de Onderwijsinspectie. En terecht, want de sfeer is uitstekend!
Tijdens de lockdowns in 2020 en in 2021 heeft de Koorschool het qua cognitieve vakken  fantastisch geregeld. Alle kinderen werken op hun eigen laptop, op hun eigen niveau op school. Ze nemen hun laptop en hun huiswerk mee naar huis en kunnen prima op afstand thuis doorleren. Ze werken thuis met een Padlet en via Snappet, een digitale onderwijsmethode. Ik geef ze samen met de andere onderwijzers online instructies en kunnen de leerlingen op afstand monitoren, toetsen en zien hoe de kinderen gewerkt hebben. Dat gaat met andere vakken ook zo. Muziekles hadden de kinderen eveneens online, al is dat iets lastiger. Je mist vooral de sociale interactie. We gaan er vanuit dat we op 10 januari weer gewoon kunnen beginnen hoor! Dat de scholen eerder dicht moeten is een soort van vervroegde vakantie. Dat is de kinderen van harte gegund, zo kunnen ze bijkomen van de laatste muzikale periode. Vergeet ook niet dat we helemaal geen lesuitval hebben gehad door corona. We hebben geen besmette klassen gehad of juffen en meesters thuis. Slechts een enkeling die toch al thuis op afstand zat te werken, moest in quarantaine. Daar hebben we als kleine basisschool erg veel geluk mee gehad.”

kathedrale koor in de st. bavo
kathedrale koor in de st. bavo, foto: Ivo Cottaar

Ruim 100 leerlingen en oud-leerlingen in het Kathedrale Koor

In de loop van de jaren zijn vanuit de Koorschool zeven koren ontstaan met leerlingen en oud-leerlingen, elk met een eigen klankkleur en repertoire. Zo is er bijvoorbeeld een jongens- en een meisjeskoor en een koor met jonge talentvolle oud-leerlingen. Met deze koren worden de erediensten in de Kathedraal St. Bavo opgeluisterd en concerten gegeven op podia in binnen- en buitenland. Alle koren tezamen, ruim 100 leerlingen en oud-leerlingen, vormen het Kathedrale Koor, het visitekaartje bij uitstek.
Het Kathedrale Koor stond onder meer in Engeland, Duitsland, Moskou, Japan en Rome. Het schoolkoor in Parijs, Frankrijk. De Bavocantorij zong verschillende keren in Engeland en maakte een tournee in Portugal in oktober 2016. Ook vinden er uitwisselingen plaats met koren in het buitenland met o.a. het St. John’s College Choir uit Cambridge.

Alle koren voeren op hoog niveau koormuziek van de 15e tot 21ste eeuw uit. Ze zijn een veelgevraagd koor voor de verschillende uitvoeringen van bijvoorbeeld de Matthäus Passion. Op deze unieke basisschool krijgen leerlingen dagelijks zang- en muziekles van hoge kwaliteit. Na groep 8 zijn het geschoolde koorzangers die een veelzijdig repertoire kunnen uitvoeren. Het Muziekinstituut staat met deze muzikale opleiding in de traditie van de vele Engelse koorscholen en kathedrale koren. Nederland heeft er twee; in Utrecht en in Haarlem. Koorschool Sint Bavo is de oudste, maar heeft haar 70-jarig bestaan dit jaar nog niet fatsoenlijk kunnen vieren door alle coronaperikelen.

Dirigent Sanne Nieuwenhuijzen en haar Kathedrale Koor, foto: Ivo Cottaar

Kerst met koor en koper….. corona en omikron

Van Russische kerstklassiekers tot traditionele kerstliederen: de Kathedrale Koorschool St. Bavo en de koperblazers van het Concertgebouworkest hadden zondagochtend in het Amsterdamse Concertgebouw en zondagmiddag in Haarlem alvast het kerstgevoel met twee concerten compleet kunnen maken. Onder leiding van koordirigent Sanne Nieuwenhuijsen had je dus op zondag 19 december kunnen genieten van de Notenkrakersuite van Tsjaikovski, van Bach en van heel wat Engelse kersttraditionals. Zelfs Avro/Tros zou live uitzenden op Radio 4. Maar ja, dat had gekund als het OMT niet zou hebben aangedrongen op een keiharde lockdown die per zondagochtend 19 december inging.

Programmakeuze en talent 

De muziek bij het ballet de Notenkraker uit 1892 is kort voor de dood van componist Tsjaikovski ontstaan. Het werk is gebaseerd op een sprookje van de Duitse schrijver E.T.A. Hoffmann (1776 – 1822). Het verhaal speelt zich af tijdens het kerstfeest en wordt daarom meestal in de decembermaand opgevoerd. Het verhaal gaat over een broer en zus en hun cadeautjes onder de kerstboom, waaronder een notenkrakerpop. Het meisje droomt van haar notenkraker die tot leven is gekomen en een prins is geworden. Zij wordt verliefd op hem. De prins heeft ook een vijand, de muizenkoning…

Uitvoering in de kathedrale basiliek St. Bavo, foto: Rob Ouwerkerk

“De keuze voor de Notenkrakerssuite is onderdeel van het programma dat door het koperensemble van het Concertgebouworkest samengesteld”, zegt koordirigent Sanne Nieuwenhuijsen. “Het stuk is zo overbekend dat de meeste luisteraars de aansprekende melodieën van Tsjaikovski zullen herkennen. Dat alleen al maakt me blij.

Het is voor mij als dirigent een genot om te zien hoe jonge musici zoals Lodewijk, Joona en Cato met zoveel plezier en overgave genieten van het muziek maken. Ze hebben een enorme drive om hun talenten te ontwikkelen en daarnaast speelt innerlijke motivatie (die bij de kinderen overduidelijk aanwezig is) een belangrijke rol om een koor als geheel op zijn best te laten zijn.” 

Feestelijke jaarafsluiting met een warm onthaal thuis als apotheose

“Juist vanwege alle bezuinigingen op de cultuursector wilde ik een documentaire maken over het unieke karakter van de Koorschool. Ikzelf ben al ruim 25 jaar lid van de koren en heb als kleine jongen op de Koorschool gezeten”, zegt contentmedia-producent Ivo Cottaar. “De voorbereiding ontstond twee jaar geleden – nog voor de pandemie – om onze Koorschool nader uit te lichten en om daarmee ons jubileum een extra feestelijk tintje mee te geven. In het kader van het 70-jarige jubileum van de Koorschool St Bavo ontstond dus het idee van een crossmediale documentaire met als titel: ‘De Kinderen van de Koorschool’.

Lodewijk, foto: Ivo Cottaar

In de documentaire volgen we drie kinderen in het bijzonder; Lodewijk (groep 6), Joona (groep 7) en Cato (groep 8). De opzet van de documentaire is uitdagend want de kinderen delen ook vanuit hun eigen perspectief alle belevenissen met een Go-Pro-camera. Van repetitieweekend in een prachtig klooster met ‘n spannend Halloween-nachtspel tot een voorspeelavond op de Koorschool. Van de voorbereiding op school voor de Kinderboekenweek tot en met de Sinterklaassurprises op school en van het oefenen van een solo voor het Kerstconcert tot een bijzonder optreden in het Koninklijk Concertgebouw van Amsterdam. De documentaire bevat het gehele wel en wee op de Koorschool. Werkelijk alles passeert de revue.” 

Talenten aan het woord

Ze zijn al genoemd, de drie kinderen van de Koorschool die hun eigen perspectief via een Go-Pro een tijd lang hebben gedeeld. Haerlems Bodem legde Lodewijk, Joona en Cato een paar vragen voor: Wat maakt de Koorschool zo bijzonder? Wat vind je het leukst aan het koor en wat is het spannendste dat je met het koor hebt meegemaakt en waarom?

Cato, foto: Ivo Cottaar

Cato vindt de Koorschool heel bijzonder: “omdat je elke dag muziekles hebt en op een normale school niet. Het is heel knus en gezellig, want je kent iedereen. En je doet heel bijzondere dingen die je op een andere school niet doet zoals op tournee gaan of optreden in het Concertgebouw.”

Lodewijk gaat nog verder: “Het is geweldig, want op de Koorschool had ik meteen veel vrienden. We zingen iedere dag en iedereen houdt van muziek, net als ik. En, we spelen tafelvoetbal in de pauzes! Joona vat het prima samen: Alle kinderen maken de school bijzonder. We zingen allemaal en aan elk kind wordt heel veel aandacht besteed!”

“Het koor is zo leuk omdat iedereen van alle leeftijden meedoet”, aldus Cato. “De senioren zorgen heel goed voor de jongeren en je zingt met zijn allen en dat schept een band. Vele leeftijden door elkaar en dat is heel gezellig en je maakt veel mee.”

“Echt, het zingen is heel leuk en dat je voortdurend allemaal verschillende stemmen hoort.” vult Joona aan.

“Het koor is top!” zegt Lodewijk: “want iedereen zingt prachtig. “We zingen samen met de senioren dat is ook erg cool. Alle stemmen bij elkaar klinken zo mooi. Ik houd ontzettend van Mozart. Maar, laatst zongen we het Requiem van Gabriel Fauré en dat vond ik echt prachtig – ik kreeg er kippenvel van.” 

De Fransen zeggen dan ook dat Fauré naar de hemel kijkt en niet naar de hel. Verwacht dus geen dramatische uithalen zoals bij Mozart of Berlioz, maar een werk dat vertrouwen uitstraalt en een hoopvolle verwachting in een nieuwe toekomst schetst met een subtiel spel van klankkleuren.

Joona, foto: Ivo Cottaar

Alle drie hebben ze het repetitieweekend in een Brabants klooster met een Halloween-avond als heel leuk en spannend ervaren.

Cato: “Rond de vuurkorf zingen en eng verkleed zijn. En het optreden in het Concertgebouw was ook heel spannend. En heel mooi!”
Joona beaamt dat: “Toen we naar het Concertgebouw gingen voor de Kerst, want het is daar zo groot en mooi! En het repetitieweekend in Brabant, want je slaapt daar met koorleden die je niet zo goed kent. Gelukkig wel in andere kamers. 😅”
Lodewijk: “Het spannendste was het repetitieweekend in Brabant – we sliepen in een echt klooster en hebben er ‘s-nachts Halloween gevierd. Ik was verkleed als skelet met zwart gewaad en heb de meiden ‘s-nachts in de donkere gangen aan het schrikken gemaakt, haha! Ook gingen we marshmallows roosteren boven het kampvuur.

Ook heel cool was mijn installatie. De bisschop zelf installeerde me in het koor terwijl al mijn vriendjes, mijn ouders, mijn zusje en mijn opa en oma in de kathedraal waren. Daarna mocht ik echt meezingen in het grote koor.”

In de media

De crossmediale documentaire-reeks van 6 afleveringen gaat zondag 6 maart in première in de Philharmonie in Haarlem. Burgemeester Wienen zal de documentaire officieel ‘openen’. Vanaf 7 maart is de documentaire te zien op de koorschool-website: www.koorschoolhaarlem.nl/docu en via diverse online (Haarlems City Blog en Haerlems Bodem) en social kanalen. Ook is de serie op NH Media en Haarlem 105 te volgen, alsmede waarschijnlijk op NPO2 Extra.

Foto’s en video-stills: Rob Ouwerkerk en Ivo Cottaar
Meer info:
https://koorschoolhaarlem.nl
http://www.cottaartv.nl

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here