Lieve Klink,

Ik zit er in; verdrinkend in mijn eigen gevoel als hoogverraad tijdens de Duitse bezetting. Breedbenige vriend met quadriceps als staalkabels, je moet weten dat ik iedere dag denk aan onze afspraak. We kochten een roestige Walther P38 en twee kogels. Als één van ons teveel zou verdrinken, bood een simpel knieschot de oplossing.

Wist je nog hoe wij spraken over onze mannelijke onafhankelijkheid? Vriendschap als hoogste goed. Wanneer wij zouden kunnen kiezen hadden wij beiden gekozen voor het homoschap. Immers begrijpen wij mannen elkaar en als seksualiteit gelijk voelt, waarom zou je dan willen zijn met een vrouw? Irrationele wezen zijn het, pragmatiek uitgesloten idem dito voor het hakken van knopen. Ga maar eens met een vrouwmens boodschappen doen: uren staat zij met twijfel doordrenkte ogen te staren naar het koelschap, buiten is de avond reeds ingevallen, want het wezen kan de juiste vla niet kiezen.

De liefde is een verwarrende boksring waarin twee tegenstrijdigheden samen dansen als bronstige bizons. Lange tijd wilden wij niets weten van deze macabere dans; vriendschap als hoogte goed, bier, rauw plezier en zaad dat over akkers vloeide: geen vrouw aan onze lijf, maar gekkigheid in de krochten van nachtelijk Haarlem. Want, hoeveel vrienden liepen in de berenklem van het vrouwmens, lieten zich verslinden, vast pinnen aan de burgerlijke ketens van het bestaan. Voortgetrokken door een hondenriem tonen zij zich nimmer in de stad. Op Instagram verschijnen foto’s met katten, etentjes of erger: baby’s of huwelijken. Maar, verdomme Klink, nu sta ik met mijn rug tegen de muur, verloren als de bemanning van de Koersk naar diepste inham van de zee. Het is twee maanden geleden dat ik haar tegenkwam, mijn ratio sedertdien weggevaagd als Hiroshima na Little Boy. Ik herken mijzelf niet, mijn handelen bepaald door haar schoonheid. Ik wil bij haar zijn, in haar zijn. Iedere dag.

Ik moet iets bekennen wat ver over de grens van wie ik dacht te zijn gaat, het toont de naakte waarheid van hoe ik verzonken ben. Het was zondagavond. Ik was bij haar. Op tafel dampte de pot thee, ernaast een aangebroken reep chocolade. Ik lag bij haar op schoot onder het cadeau dat ik haar eerder gaf: een plaid. De tv stond aan. Dat ik keek was al een wonder, tv kijken doe ik al jaren niet meer. Toch, kan ik niet ontkennen te hebben genoten van die avond, van haar warme dijen en lichaamsgeur. Maar, en ik besef dat ik met deze bekendmaking het lot van mijn knieën in jouw handen leg. Ik genoot met volle teugen van Boer Zoekt Vrouw. De vlinders in mijn buik raasden van de liefdesbrieven en de kneuterigheid van Yvon – fucking – Jaspers. Ik smeek je Klink, spaar mijn knieën.

Lees hier de eerder verschenen contemplaties van Dhr. M.H.R. Puttmann.

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here