Vrijdag 13 juli startte de 29e Haarlemse Honkbalweek in het Pim Mulierstadion op de Jaap Edenlaan in Haarlem Noord. Ze hebben een goede week uitgekozen, want het weer is fantastisch voor een potje honkbal. Haerlems Bodem is uiteraard aanwezig om weer een vette video te maken, foto’s te schieten en natuurlijk om te genieten van het spelletje. Mocht je zelf nog gaan, veel plezier gewenst! Mocht je niet gaan, even wat funfacts in een lijstje met wat (verassende) inside information – helemaal als je een leek bent.

1. Honkbal is een langzame sport

Mijn referentiekader van honkbal is: New York Yankees, hotdogs, grote foam vingers om mee te juichen en terug te koppelen aan de gymles op de middelbare school (zo’n tien jaar terug en waarschijnlijk was het nog softbal ook). Op de middelbare school verdeelde we de klas in twee teams, we hadden een pitcher en een catcher en iedereen kwam een keer aan slag. Hier zat een lekker tempo in, iedereen kwam minimaal drie keer aan de beurt (als je goed was vaker) en de vaart zat er flink in. In het ‘echie’ is dit dus heel anders, bij de wedstrijd Nederland – Cuba, stond het na een uur pas 2 – 1. Daarbij is er aan de wedstrijd, net als bij tennis, geen tijd verbonden. Het kan dus best een lange tijd duren.

2. Ze raken de bal minder dan je zou denken

Op de middelbare school zat het tempo er lekker in, hier en daar een homerun en rennen maar van honk naar honk. Spanning, sensatie, je kent het gevoel misschien ook nog wel. Je zou denken van de pro’s dat ze de ballen tot over de Randweg slaan en homerun na homerun rennen. Wrong! Ze slaan minder dan je denkt, ze slaan niet alleen minder ver, ze slaan ook letterlijk minder. De bal wordt de meeste keren gewoon door de catcher gevangen en gebeurt er verder vrij weinig in het veld.

honkbal

3. Dug-out stereotype

Als pers kun je op het veld komen, best dichtbij de spelers en dus ook bij de dug-out waar de teams zitten. Je weet wel, dat hokje waar de spelers, reserves en coaches zich bevinden tijdens de wedstrijd. Wij stonden hier een tijdje naast en we kunnen een echt typisch honkbal stereotype bevestigen. Het viel ons op dat de dug-out, zeker die van Cuba, naar tabak ruikt. We zien gelijk een coach voor ons met pruimtabak in zijn mond, spugend op de grond of in een frisdrankbeker. Grappig toch!

honkbal
Nederland – Cuba

4. Waar is dat feestje?

Aangezien honkbal dus best een langzame sport is, wordt het publiek bezig gehouden met korte muziekfragmenten van zo’n 5 á 10 seconden. Meer heb je niet nodig om een publiek lekker los te laten gaan, laat de beste stukjes uit bekende meezingers horen en het publiek maakt het af. De muziek stopt weer, het publiek feest nog even door en hoppakee, je hebt een heerlijke sfeer. Daarnaast doen een drankje en het zonnetje ook veel goeds. Heerlijk zo’n traditiegetrouw eevenement in Haarlem.

5. Aandenken voor thuis

Wist je dat er in het publiek best veel mensen zitten met een honkbalhandschoen aan? De meeste plekken in het stadion zijn veilig gemaakt door een hoog net, dat als de pitcher een beetje scheef gooit, je niet gelijk naar de tandarts hoeft. Er zijn ook plekken in het stadion waar geen net hangt en het is ook best knap om de bal hier te krijgen als slagman, het is niet echt de richting die je op wilt namelijk. De mensen op die tribunes zitten daar dus enthousiast (en met zweterige handjes) de hele wedstrijd te wachten op een bal hun kant op, zodat zij de bal kunnen vangen en mee naar huis kunnen nemen. Bij honkbal mag je namelijk de bal houden als die het publiek in gaat, dat is dan wel weer leuk hé!

Zelf nog genieten van een goed potje honkbal? Het kon nog tot zondag 22 juli tijdens de Honkbalweek Haarlem. Voor tickets klik je hier.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here