wat had ik die smekkende smakker graag op zijn bek willen timmeren

Als een augurk in een overvolle pot zit ik op het Central Treinstation Beijing te China, ik wacht op mijn volgende trein naar Ulaanbaatar. Naast mij mijn rugzak en backpack, op schoot mijn oranje notitieboekje. Een zee van zwartharige spleetogen drijft voorbij, maar de drukte van nu staat in schril contrast met de massa’s mensen van afgelopen week.

Tien dagen geleden kwam ik aan in China gevoed met vooroordelen. Goed, ik ben er inmiddels achter: ze spugen op straat nadat ze eerst duidelijk hoorbaar rochelen, soms klonk dat zo onuitstaanbaar dat ik inwendig kokhalsde. Ook aan het luidruchtig smekken en smakken – in stille ruimtes – kon ik niet wennen, maar ik temde mijzelf, altijd weer, want wanneer voor westerse normen een gewoonte onsmakelijk klinkt, betekent dat niet dat smekken en smakken (met speeksel en geprakt eten zichtbaar op de onderlip) als een op hol geslagen lama, onsmakelijk is. Even tot tien tellen dus, maar godverdomme wat had ik die smekkende smakker graag op zijn bek willen timmeren.

 Golden Week

“Bezoek Magisch Beijing, maar nu even niet” of “pas op voor drukte tijdens feestweek”. Dit waren waarschuwingen van reisorganisaties om Beijing te weren tijdens de nationale feestweek. Op 1 oktober 1949 (eigenlijk 21 september, maar dat kwam slecht uit) werd de Volks Republiek China uitgeroepen en kwam het Parlement voor het eerst samen. Om deze geboorte te herdenken was – net als ieder jaar – van 1 t/m 7 oktober de nationale feestweek. Vrijwel iedereen had vrij en men trok als een kudde loopse impala’s naar de hoofdstad. Naar schattig waren er vijfhonderd miljoen extra Chinezen in de grote stad – konden er ook minder zijn. Iedere reisorganisatie raadde af om Beijing te bezoeken, dus leek mij het juist leuk om er een kijkje te nemen.

 De hoeveelheid blije gezichten was overweldigend en werkte als een xtc-pil op mijn gemoedstoestand

Mijn olijke, rossige verschijning viel behoorlijk op, wat leidde tot veel lachende gezichten. De hoeveelheid Chinezen was overweldigend. Neem in je hoofd Koningsdag verviervoudig het aantal mensen en je hebt een beeld. Veel van mijn nieuwe vrienden liepen rond met een Chinees vlaggetje, dus ik kocht er ook een en bevestigde deze aan mijn tas. De hoeveelheid blije gezichten was overweldigend en werkte als een xtc-pil op mijn gemoedstoestand. Sommigen riepen: “Welcome in Beijing!” Als ik “Ni Hao” (hallo) terugriep kon ik rekenen op een hartverwarmende, nog breder uitgemeten lach. Wel gek was dat moeders hun kindjes in de blote bips, staand in menigte, uitgebreid lieten plassen tegen bomen. Aan de vele, zich langzaam bewegende plasjes op de grond, zag ik dat dit geen ongewone kost was.

Gelukkig waren er ook dagen van van betrekkelijke rust en bezocht ik onder andere het Vogelnest. Het metronetwerk was zelfs voor mij als verwarde geest geen onneembare vesting. De straten waren schoon en ordelijk. Op sommige hoeken stonden in zwart geklede mannetjes de wacht te houden; hun aanwezigheid was voor mij een raadsel. Bij overheidsgebouwen en ingangen van metro’s stonden twee in groene uniformen gehesen, streng kijkende poppetjes. Dit verschijnsel leek een overblijfsel van de communistische strengheid die dit land kende en. Ik maakte er een sport van hen te laten lachen, niet zelden zonder succes. Op voorhand dacht ik dat Beijing zou zijn als een norse, strenge oom; de vriendelijkheid ver te zoeken. Misschien kwam het door de feestweek, maar ik heb van al deze negatieve zaken vrijwel niets gezien. Goed, ik ben er maar tien dagen geweest en heb niet de illusie nu deze stad wél te kennen, maar mijn in indruk was louter positief.

Trans Mongolië Express

Ik sla mijn boekje dicht, iedereen staat op, mijn trein gaat vertrekken. Op het platform staat de magische Trans Mongolië Expres al klaar, wauw wat een trein. Dit wordt de komende 26 uur richting Ulaanbaatar, mijn huisje. Maar, voor ik instap, hoor ik nog net iemand flink rochelen en spugen; rare jongens die Chinezen.

Mijn volgende reisverslag komt uit de hoofdstad van Mongolië, Ulaanbaar een boevennest waar je niet dood gevonden wilt worden. Wil je weten hoe het me verging in de trein naar Mongolië? Bekijk dan onderstaande vlog. Heb je dan nog niet genoeg, lees dan hier mijn vorige verhaal lezen over Vietnam en vriendschap. #travelstory’s

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewarenBewarenBewaren

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here